Soorten
 
Winkelwagen
Uw winkelwagen is leeg.
 
Meest gekocht
 
Live Chat
 
Share This Web
Bookmark and Share
 

Product info

Banaan

Een banaan is een langwerpige, licht gebogen vrucht, die afkomstig is van de bananenplant. In Suriname spreekt men van bacove als het om de vrucht gaat die rechtstreeks uit de schil gegeten kan worden en van banaan als het om groene bakbananen gaat.

Een bananenplant of bananenboom is in werkelijkheid een kruid, 's werelds grootste kruid. Een banaan is biologisch gezien dan ook een kruid. Volgens de tuinbouwkundige definitie wordt de banaan echter tot de groenten gerekend. Volgens de culinaire definitie is het echter een vrucht, omdat de banaan als nagerecht dan wel los van een maaltijd wordt gegeten.

 

Appel

Eén van de meest populaire fruitsoorten in Nederland. De appel behoort tot de familie van de pitvruchten. Het zijn vruchten met vruchtvlees in een dunne schil en zaden in een klokhuis. Iedereen kent wel de uitspraak “Snoep gezond, eet een appel”. De tandarts geeft u hiermee het advies om uw tanden sterk te houden door het eten van een appel. Een andere uitspraak: “An apple a day keeps the doctor away”. Deze uitspraken zeggen genoeg over de appel. Appelen zijn gezond doordat ze vol vitamine C zitten en veel vezelstoffen bevatten. Verder zijn ze rijk aan mineralen, kalk en ijzer. En, men zegt dat appelen cholesterol verlagend zijn.

 

Peer

De peer is een plantengeslacht dat de algemeen bekende vruchten produceert. Het geslacht komt voor in veel landen, vooral op het noordelijk halfrond. Peren zijn grofweg te onderscheiden in handperen en stoofperen. De handpeer heeft over het algemeen een groene kleur met soms een rode blos, een zachte schil die eenvoudig te verwijderen is en sappig en zacht vruchtvlees. Een peer groeit uit een bevruchte bloem, meestal eerst met de dikke kant naar boven. Door het toenemende gewicht van de vrucht 'kantelt' deze geleidelijk tot de overblijfselen van het bloemetje aan de onderkant zijn beland.

 

Perzik

De perzik is een populaire vrucht. Ze bevat een harde houten pit net als de abrikoos, de pruim en de kers. Technisch zijn dit alle steenvruchten. De perzik is zelffertiel en kan dus zichzelf bevruchten.

De perzik wordt voornamelijk gekweekt in Iran en de omgeving van de Middellandse Zee. De naam Perzik betekent Perzisch. Perziken komen oorspronkelijk uit China maar zijn via Perzië in Europa terecht gekomen.

De schil voelt een beetje pluizig aan. Een vorm zonder deze pluizige schil heet een nectarine. Behoudens de schil bestaat er geen wezenlijk verschil tussen perziken en nectarines. Een nectarine is dus geen kruising tussen een perzik en een pruim zoals soms wordt verondersteld.

Binnen de rassen wordt wel onderscheid gemaakt naar de kleur van het vruchtvlees: wit, geel of rood. Veel witvlezige rassen staan er om bekend dat ze beter smaken dan de geelvlezigen maar een nadeel is dat ze veelal slechter tegen transport kunnen.


Abrikoos

De abrikoos is een zeer oude fruitsoort, afkomstig uit China. Daar werd de abrikozenboom zo'n vier à vijfduizend jaar geleden voor het eerst verbouwd. In Europa gedijt de boom vooral goed in het gebied rond de Middellandse zee. Vanaf juni kunnen de abrikoosjes worden geoogst. Slechts een klein deel van de oogst is bestemd voor de versmarkt. Het gros wordt industrieel ontpit en gedroogd.
Gedroogde abrikoos is in Noord-Europa erg populair (het is bijvoorbeeld een vast bestanddeel van studentenhaver en van 'tutti frutti'). Ook de pitten worden gebruikt. Omwille van hun amandelachtige smaak zijn ze vaak gebruikt in de verwerkende industrie. Eerst wordt het giftige blauwzuur aan de pitten onttrokken, daarna worden ze gemalen en verwerkt in marsepein en banketbakkersspijs.
Abrikozen zijn heerlijk frisse en zoete zomervruchten. Abrikozen hebben een warm klimaat nodig en daarom worden ze ingevoerd. Een abrikoos heeft een geel-oranjeachtige schil die zacht en donzig voelt. Abrikozen zijn steenvruchten en bevatten dus een stevige pit.

 

Aardbei


De naam fragaria komt van het Latijnse woord fraga dat aardbeitje betekent. In de symboliek staat de aardbei voor kortstondig genot. Op veel oude schilderijen is daarom de aardbei afgebeeld om kortstondig genot te symboliseren. In Nederland komen zowel de cultuur- als de bosaardbei voor.

De aardbei is zelffertiel, waardoor geen kruisbestuiving nodig is. Een goede bestuiving door wind en/of insecten is echter noodzakelijk voor het verkrijgen van goedgevormde, volledig uitgegroeide vruchten. Bij de doordragende rassen heeft gedurende de gehele zomer bloemaanleg, bloei en vruchtzetting plaats. Bij sommige rassen kan de bloemaanleg in een erg warme zomer meer of minder stagneren. Bij deze rijkbloeiende rassen worden van iedere bloeiwijze meestal slechts de eerste drie tot vijf vruchten geoogst. Daarna wordt de bloemstengel met hieraan nog onrijpe vruchten verwijderd om de vruchtgrootte op peil te houden. Voor een goede vruchtzetting is een goede bestuiving van belang. Niet alleen wind, maar ook bijen en hommels zijn belangrijk voor een goede bestuiving.
De rode of oranje-rode vrucht is een opgezwollen bloembodem met daar bovenop de geel gekleurde zaadjes (dopvruchtjes) en is dus een zogenaamde schijnvrucht.

 

Framboos

Frambozen hebben rozerode tot donkerrode vruchten. De vruchten zijn rond en soms kegelvormig en opgebouwd uit een verzameling deelvruchtjes rondom de bloembodem. Frambozen zijn lekker sappig en zoet, stevig en egaal van kleur. De framboos is een naast familielid (geslacht Rubus L.) van de braam, hetgeen duidelijk te zien is aan de bouw van de vruchten.

Frambozen behoren, net als onder andere aalbessen en kruisbessen, tot het zachtfruit. Frambozen zijn in een groot deel van de wereld inheems en kunnen afhankelijk van de soort gele, rode, roze, oranje, bruine of zwarte vruchten dragen. Beroepsmatig wordt de ons bekende roze framboos gekweekt vanaf het einde van de 16e eeuw, met Griekenland en Italië als bakermat. Het seizoen begint eind april wanneer de eerste frambozen uit de kassen worden geoogst. Frambozen zijn tot eind oktober beschikbaar.

 

 

 

 
UA-23605795-1